Gedragscode en startprofiel BPV voor BOL-studenten
Hieronder vind je meer informatie over de afspraken rondom BPV
van BOL-studenten in de opleidingsrichtingen van Verpleging en
Verzorging.
Gedragscode en
startprofiel BPV voor BOL- studenten
Hieronder vind je de
gedragscode/startprofiel voor de BPV.
Gedragscode BPV-
instellingen
De gedragscode is in samenwerking
met de BPV- instellingen geformuleerd.
De gedragscode is gebaseerd op de volgende 4 vragen:
Wie ben
ik?
(mijn persoonlijkheid)
- Wat kan ik
(al)?
(mijn deskundigheid)
- Wat wil ik worden?
(mijn ambities/ beroepsbeeld)
- Wat kan ik
worden?
(mijn ontwikkeling)
In de
gedragscode gaat het er om dat je voldoet aan de volgende
kenmerken:
0.
Bereid tot leren in de praktijk
van de BPV- instelling;
- Beleefdheidsnormen tonen, zoals: hand geven, jezelf
voorstellen, iemand aankijken als je spreekt;
- respect toont voor de ander/ de cliënt door zijn vraagstelling
en behoefte centraal te stellen; een gesprek kunnen aangaan;
- Respect tonen voor de eigendommen van de cliënt en voor diens
privacy;
- Voorbereid zijn op de stage (BOL) en beroepsuitoefening (BBL)
door:
- je te verdiepen in de doelgroep.
- je te verdiepen in visie, missie, doelstellingen, functie van
de (BPV)instelling.
- op de hoogte te zijn van de richtlijnen van het
stagebeleid.
- De toegezonden formulieren van de instelling in te vullen en
uit te leggen waarom dit belangrijk is;
- De verwachtingen ten aanzien van het eigen leerproces
bespreekbaar maken door:
- vragen te stellen tijdens het eerste kennismakingsgesprek.
- bepreekbaar te maken wat je wilt komen leren.
- je mening te geven.
- uit te leggen waar je op school mee bezig bent.
- Afspraken nakomen en op afgesproken tijden aanwezig zijn;
- Eigen verantwoordelijkheden tonen voor het leerproces door:
- ondersteuning te vragen.
- het portfolio bij je te hebben en de voortgang te
bespreken.
- reflectie te kunnen schrijven en deze bepreekbaar te kunnen
maken.
- Aanspreekbaar en corrigeerbaar zijn op getoond gedrag en open
staan voor feedback;
- Initiatieven tonen en leervragen stellen;
- Bewust zijn en de bereidheid tonen om te werken aan de hand van
protocollen.
Startprofiel kinderopvang
Dit startprofiel voor beginnende stagiaires in de kinderopvang
is vastgesteld in het Sectoroverleg Kinderopvang West-Brabant.
Uitgangspunt voor het profiel is: waaraan moet een mbo-student
minimaal voldoen om te kunnen starten als stagiaire binnen de
kinderopvang?
Gedragsaspecten
Een stagiaire beheerst een aantal beleefdheids- en
fatsoensnormen:
- Een hand geven;
- Zichzelf voorstellen;
- Recht zitten (niet hangen);
- De ander aankijken bij het spreken;
- De ander niet vanzelfsprekend tutoyeren;
- Geen kauwgom of ander snoep in de mond hebben.
Een stagiaire houdt zich aan afgesproken tijden en afspraken,
komt dus op tijd.
Een stagiaire is in staat om iets te vertellen en te schrijven
over zichzelf.
Een stagiaire toont nieuwsgierigheid naar de doelgroep en het
werkveld.
Kennis
Een stagiaire heeft zich voldoende georiënteerd op het werkveld
Kinderopvang m.b.t. de volgende zaken:
- Vormen van kinderopvang;
- Taken binnen de kinderopvang;
- Doelgroepen van de kinderopvang;
- Functies binnen de kinderopvang;
- De sociale kaart binnen de kinderopvang;
- Maatschappelijke functie van kinderopvang;
- Klantgroepen binnen kinderopvang.
Handelen
Stagiaires dienen in staat te zijn:
- Te zorgen dat kinderen er verzorgd uitzien:
-
handjes en gezichtjes wassen;
-
kleding nakijken.
- Te zorgen voor woonomgeving en leefomgeving:
-
tafels poetsen;
-
stofzuigen;
-
opruimen.
- Affiniteit met kinderen te laten blijken;
- Het beroepsgeheim te kunnen hanteren.
Leerhouding
Van stagiaires wordt verwacht:
Dat zij de verwachtingen m.b.t. hun eigen leerproces kunnen
bespreken:
- vragen stellen tijdens een kennismakingsgesprek;
- bespreekbaar maken wat hij/zij wil komen leren;
- uitleggen waarmee hij/zij op school bezig is;
- opdrachten uitleggen en bespreken;
- een mening geven.
Dat zij eigen verantwoordelijkheden voor het leerproces
tonen:
- ondersteuning vragen;
- het portfolio bij zich hebben;
- de voortgang regelmatig bespreken;
- aanspreekbaar en corrigeerbaar zijn op getoond gedrag;
- openstaan voor feedback.
Veiligheid
De stagiaire stelt zich op de hoogte van de voorgeschreven
veiligheidsregels binnen de instelling. De stagiaire kan daarbij de
veiligheid van de kinderen waarborgen en is zich bewust van eigen
gezondheid en veiligheid.
Hygiëne
Een stagiaire moet:
- Kledingvoorschriften kennen en toepassen
- Persoonlijke verzorging kunnen aanpassen aan het werk: haren
gebonden, geen sieraden dragen, nagels niet (te) lang houden.
- Een goede algemene persoonlijke verzorging tonen (geen
overmatige transpiratie- of parfumlucht, een goede
mondhygiëne)
|